7 oktober 2026

Mag een boa buiten werktijd optreden? De regels voor boa’s en beveiligers (2026)

Rechten & plichten

Kort antwoord: de wet kent geen werktijd. Je opsporingsbevoegdheid als boa hangt aan drie dingen: de strafbare feiten van je domein en het grondgebied die in je akte staan (artikel 142 Wetboek van Strafvordering, artikel 2 en 19 lid 2 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar; dat grondgebied kan op je akte ruimer zijn dan je eigen gemeente) en de functie waarvoor je die akte kreeg (artikel 4 lid 1). Buiten die drie grenzen ben je een burger, ook op een werkdag. Een boa buiten werktijd is binnen die grenzen op papier nog steeds bevoegd, maar zonder legitimatiebewijs, insigne en geweldsmiddelen, en zonder dat je werkgever je heeft ingezet, is zelfstandig optreden in je vrije tijd vrijwel nooit verstandig; zonder legitimatiebewijs handel je bovendien in strijd met artikel 26 van het Besluit boa. Wat altijd kan: iemand op heterdaad aanhouden zoals iedere burger (artikel 53 Sv), 112 bellen en vastleggen wat je zag. Voor een beveiliger ligt het eenvoudiger: die heeft ook in dienst geen opsporingsbevoegdheid, dus buiten werktijd geldt alleen het burgerrecht.

3 grenzenfeiten, grondgebied en functie: daar hangt je bevoegdheid aan, niet aan de klok (Besluit boa art. 2 en 19)
Art. 53 Sviedereen mag een verdachte bij ontdekking op heterdaad aanhouden, ook jij buiten dienst
Art. 26Besluit boa: het legitimatiebewijs draag je bij het uitoefenen van je taak en toon je desgevraagd direct
Art. 7Politiewet 2012: geweld alleen in de rechtmatige uitoefening van je bediening (lid 1), veiligheidsfouillering alleen bij een wettelijke bevoegdheid en onmiddellijk gevaar (lid 3)

Je staat in de rij bij de supermarkt en ziet hoe iemand een fles drank in zijn jas laat glijden. Of je fietst op zondag door het park waar je doordeweeks surveilleert en ziet een groep op het losloopveld de bankjes slopen. Je bent boa, maar je hebt geen uniform aan, geen insigne op en geen legitimatiebewijs in je zak. Mag een boa buiten werktijd optreden, wat moet je en wat kun je beter laten? Dit artikel zet de regels op een rij, voor boa’s in alle domeinen en voor beveiligers.

Waar je bevoegdheid aan hangt: feiten, grondgebied en functie

Een boa is een buitengewoon opsporingsambtenaar. Artikel 142 lid 1 van het Wetboek van Strafvordering noemt onder a de personen aan wie de minister een akte van opsporingsbevoegdheid heeft verleend. Lid 2 van hetzelfde artikel zegt waar die bevoegdheid toe reikt: tot de in de akte aangeduide strafbare feiten, waarbij de akte mag verwijzen naar een domein uit de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar.

Het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar werkt dat uit. Artikel 2 zegt dat de boa die beschikt over een titel van opsporingsbevoegdheid, de vereiste bekwaamheid en betrouwbaarheid en een akte van beëdiging, bevoegd is op het grondgebied dat in die akte staat, voor de feiten die in die akte staan. Artikel 19 lid 2 bepaalt wat dat grondgebied is: het gebied waarop je je functie uitoefent in verband waarmee je tot boa bent beëdigd. En artikel 4 lid 1 geeft de reden waarom je de akte überhaupt kreeg: omdat opsporingsbevoegdheid noodzakelijk is voor de uitoefening van je functie.

Grens Waar het staat Wat het betekent op je vrije dag
De strafbare feiten Art. 142 lid 2 Sv; je akte verwijst naar een domein uit de Regeling domeinlijsten Een boa openbare ruimte (domein I) is ook op zondag niet bevoegd voor een feit dat niet in domein I staat. Een winkeldiefstal is een gewoon misdrijf uit het Wetboek van Strafrecht en staat niet op jouw lijst.
Het grondgebied Besluit boa art. 19 lid 2; art. 146 lid 1 Sv; Beleidsregels boa par. 4.2 Je bevoegdheid is beperkt tot het grondgebied op je akte van beëdiging. Bij veel boa’s is dat grondgebied ruim; de beleidsregels noemen boa’s daarom landelijk opsporingsbevoegd, maar zeggen tegelijk dat je je in principe onthoudt van optreden buiten je gebied van aanstelling. In een andere gemeente treed je dus niet als boa op, in dienst of niet.
De functie Besluit boa art. 4 lid 1 en art. 19 lid 2; Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar paragraaf 4.2 De bevoegdheid is je verleend omdat ze noodzakelijk is voor je functie (art. 4 lid 1); het grondgebied op je akte is het gebied van die functie (art. 19 lid 2). Een optreden dat niets met je functie te maken heeft, valt buiten de reden waarom je de akte kreeg.

Nergens in deze regels staat het woord werktijd. Dat is de kern van het antwoord: je bevoegdheid gaat niet uit als je uitklokt, maar ze is ook nooit groter dan je akte. Wat wél wegvalt na je dienst, zijn de voorwaarden waaronder je die bevoegdheid mag gebruiken. Daarover gaat de rest van dit artikel.

Wat de regels zeggen over een boa buiten werktijd

Regel Wat er staat Gevolg buiten werktijd
Legitimatiebewijs Besluit boa art. 26: bij het uitoefenen van je taak draag je het legitimatiebewijs bij je en toon je het desgevraagd aanstonds Wie zonder legitimatiebewijs als boa optreedt, handelt in strijd met lid 1 en kan niet voldoen aan de toonplicht van lid 3. Thuis op de kast ligt het bewijs niet bij je.
Insigne Besluit boa art. 26a: op een uniform of bedrijfskleding hoort het boa-insigne op een duidelijk zichtbare plaats In je eigen kleren ben je voor een burger niet als boa herkenbaar. Dat is precies waarom de wetgever het insigne verplicht stelt.
Proces-verbaal Besluit boa art. 27: in elk proces-verbaal vermeld je je standplaats en het nummer van je akte van beëdiging Je opsporingshandelingen leg je vast in een proces-verbaal met standplaats en aktenummer, en de hoofdofficier van justitie ziet toe op de juiste uitoefening (art. 36 en 38). Een los optreden op straat in je vrije tijd past daar niet in.
Aanwijzingen Besluit boa art. 29: bij politiebevoegdheden volg je de aanwijzingen van de direct toezichthouder (meestal de korpschef); art. 30: ook de aanwijzingen van de toezichthouder (de hoofdofficier van justitie) over de samenwerking met de politie Je werkgever bepaalt via je functie en werkinstructie wanneer je wordt ingezet; de korpschef en het Openbaar Ministerie bepalen hoe je je politiebevoegdheden gebruikt en hoe je met de politie samenwerkt. Een eigen optreden buiten dienst past in geen van beide kaders, tenzij het uitdrukkelijk is geregeld.
Politiebevoegdheden Politiewet 2012 art. 7 lid 1: geweld alleen in de rechtmatige uitoefening van de bediening; lid 3: veiligheidsfouillering alleen bij een wettelijke bevoegdheid en onmiddellijk gevaar; Besluit boa art. 19 lid 3: de toekenning staat op je akte Of een optreden in je vrije tijd nog onder de rechtmatige uitoefening van je bediening valt, beoordeelt de rechter achteraf aan de hand van alle omstandigheden. Zonder instructie en zonder legitimatiebewijs sta je daarbij zwak.
Grondgebied Beleidsregels boa par. 4.2: in principe geen optreden buiten het gebied van aanstelling; daarbuiten alleen met een samenwerkingsovereenkomst en in overleg met het bevoegd gezag Een boa van gemeente A die in gemeente B iets ziet, hoort daar niet als boa op te treden, ook al staat zijn bevoegdheid formeel niet stil.
Betrouwbaarheid Besluit boa art. 31 lid 1: je zorgt dat je blijft beschikken over de bekwaamheid en betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden Wie in zijn vrije tijd te ver gaat, riskeert zijn akte. Betrouwbaarheid is geen eis die om 17.00 uur stopt.

Zet je die regels naast elkaar, dan ontstaat een helder beeld. De bevoegdheid bestaat ook buiten je dienst, maar de wet omringt het gebruik ervan met voorwaarden die je in je vrije tijd meestal niet vervult: geen legitimatiebewijs bij je, niet herkenbaar, geen toezicht, geen werkinstructie, geen politiebevoegdheden. Wie dan toch als boa gaat optreden, loopt een dubbel risico: het optreden kan onrechtmatig blijken, en de betrouwbaarheidseis van artikel 31 komt in beeld.

Zes situaties en wat je dan doet

Situatie Ben je bevoegd als boa? Wat verstandig is
Je ziet op je vrije dag in je eigen gemeente iemand een zak afval naast een container dumpen Op papier ja, als je gemeente je voor de afvalstoffenverordening of de APV heeft aangewezen (domein I, onderdeel 6) en het binnen je grondgebied gebeurt. Maar zonder legitimatiebewijs en zonder dat je werkgever je heeft ingezet, treed je niet zelf op Noteer tijd, plaats, signalement en eventueel een kenteken en geef het door aan je team. Een collega in dienst kan er alsnog wat mee.
Je ziet in een andere gemeente een winkeldiefstal Niet als boa. Buiten je gebied van aanstelling hoor je volgens de beleidsregels niet op te treden, en winkeldiefstal staat bovendien niet in domein I Je bent burger. Waarschuw het winkelpersoneel of de beveiliger, bel bij geweld 112. Een aanhouding op heterdaad mag (art. 53 Sv), maar dan zonder boa-bevoegdheden.
Je werkt als boa in het openbaar vervoer (domein IV) en ziet als reiziger iemand de conducteur bedreigen Via de Wet personenvervoer 2000 kan het feit in je domein vallen (bedreiging zelf, artikel 285 Sr, staat in domein IV alleen voor je eigen veiligheid op de lijst), maar je bent niet in dienst, niet herkenbaar en zonder legitimatiebewijs Help de conducteur als burger, bel 112 en blijf als getuige. Je verklaring is als boa extra waardevol omdat je weet wat er in een proces-verbaal moet staan.
Iemand wordt voor je neus in elkaar geslagen Dit gaat niet over je akte. Iedere burger mag hier optreden Bel 112, houd afstand als de situatie te gevaarlijk is, en houd de dader aan als dat veilig kan (art. 53 Sv). Verdedig jezelf of een ander alleen voor zover noodzakelijk (noodweer, art. 41 Wetboek van Strafrecht).
Je rijdt in je eigen auto en ziet een bestuurder door rood rijden Nee. In domein I staat het negeren van rood licht alleen voor fietsers en voetgangers op de lijst; rijdend gemotoriseerd verkeer is politiewerk, en je bent bovendien niet in dienst Noteer het kenteken en meld het. Rijd nooit achter iemand aan; wat daarover geldt, staat in mag een boa door rood rijden.
Een buurtbewoner herkent je en vraagt of je even wilt ingrijpen bij overlast Je bent niet verplicht om buiten je dienst op te treden; het Besluit boa kent zo’n plicht niet Leg uit dat je niet in dienst bent, verwijs naar het meldnummer van de gemeente of het servicenummer van de politie, en bel zelf 112 als er direct gevaar is.

Legitimatiebewijs, insigne en de vraag wie je bent

Het boa-legitimatiebewijs is geen pasje dat je bevoegdheid aanzet. Het is het bewijs waarmee je laat zien dat je die bevoegdheid hebt, en artikel 26 van het Besluit boa verbindt het dragen ervan aan het uitoefenen van je taak. Twee dingen volgen daaruit.

  • Je laat het niet zomaar zien. Wie in de kroeg zijn legitimatiebewijs tevoorschijn haalt om een discussie te winnen, gebruikt een dienstmiddel voor een privédoel. Dat is geen opsporing en kan je werkgever en de toezichthouder reden geven om aan je betrouwbaarheid te twijfelen.
  • Je treedt niet als boa op zonder het bij je te hebben. Heb je het niet bij je, dan handel je in strijd met lid 1 van artikel 26 en kun je niet voldoen aan de toonplicht van lid 3. Je bevoegdheid vervalt daar niet door, maar je optreden staat juridisch zwak en geeft je werkgever en de toezichthouder een reden om aan je betrouwbaarheid te twijfelen.

Het insigne van artikel 26a doet hetzelfde voor je kleding: het maakt zichtbaar dat de persoon in bedrijfskleding opsporingsbevoegd is. De wetgever wil dat een burger kan zien wie hem aanspreekt. Een boa in spijkerbroek voldoet daar niet aan. Dat weegt zwaar: bij verzet tegen een niet-herkenbare boa kan de vraag of de burger wist dat hij met een ambtenaar te maken had, in de strafzaak een rol spelen.

Geweldsmiddelen en handboeien: de boa buiten werktijd

Voor wie geweldsmiddelen op zijn akte heeft staan, is de vraag buiten werktijd extra belangrijk. De Politiewet 2012 geeft de bevoegdheid om geweld te gebruiken en iemand aan de kleding te onderzoeken in artikel 7, en koppelt die uitdrukkelijk aan de rechtmatige uitoefening van de bediening. Een boa krijgt die politiebevoegdheden alleen als ze op de akte zijn aangetekend (Besluit boa art. 19 lid 3) en gebruikt ze volgens de Ambtsinstructie en de aanwijzingen van de direct toezichthouder (art. 29).

Of een ingreep in je vrije tijd nog telt als de rechtmatige uitoefening van je bediening, beoordeelt de rechter achteraf aan de hand van alle omstandigheden. Zonder instructie, zonder legitimatiebewijs en met middelen die je volgens de instructie van je werkgever na de dienst hoort op te bergen, sta je daarbij zwak. Concreet:

  • Handboeien. Voor handboeien bestaat geen wettelijk draagverbod, maar het Besluit boa koppelt het gebruik aan de toekenning op je akte en aan de aanwijzingen van de korpschef (artikel 19 lid 3 en 29), en de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar zeggen dat het gebruik alleen is toegestaan na toekenning en bekwaamheidstoets, dat dragen zonder toekenning niet is toegestaan en dat zelfs zichtbaar dragen dan niet wenselijk is. De instructie van je werkgever bepaalt waar ze na de dienst blijven.
  • Wapenstok en pepperspray. Dat zijn voor een burger verboden wapens. De uitzondering in artikel 3a lid 3 van de Wet wapens en munitie geldt voor boa’s alleen voor zover de minister dat bij regeling heeft bepaald. Die uitzondering hoort bij je werk als boa en bij de toekenning op je akte (Besluit boa art. 19 lid 3), niet bij jou als privépersoon. Draag ze alleen zoals je werkgever en de toezichthouder dat hebben vastgelegd, in de dienst, en berg ze na de dienst op volgens de instructie.
  • Veiligheidsfouillering. Artikel 7 lid 3 Politiewet geldt voor een boa alleen als de minister hem die bevoegdheid heeft toegekend (lid 9, aangetekend op de akte) en hij als boa optreedt. Bij een aanhouding als burger is dat niet zo.

Een boa die buiten dienst met pepperspray, een wapenstok of handboeien ingrijpt, loopt dus het risico dat de rechter zijn optreden beoordeelt als dat van een burger, met alle gevolgen voor de vraag of het geweld noodzakelijk en proportioneel was.

Wat je altijd mag: optreden als burger

Buiten je dienst ben je niet machteloos. Artikel 53 lid 1 van het Wetboek van Strafvordering geeft iedereen de bevoegdheid om een verdachte aan te houden bij ontdekking op heterdaad. Dat geldt voor jou als boa buiten dienst, voor een beveiliger buiten dienst en voor iedere andere burger. De voorwaarden staan in lid 3: je levert de aangehoudene onverwijld over aan een opsporingsambtenaar, en je geeft de voorwerpen af die je bij de verdachte hebt aangetroffen.

  1. Beoordeel het gevaar. Een aanhouding is nooit verplicht. Is de dader gewapend of in de meerderheid, dan bel je 112 en blijf je getuige.
  2. Zeg wat je doet. Laat de verdachte weten dat hij is aangehouden voor een strafbaar feit en dat de politie is gebeld. Treed op als burger en beroep je niet op je boa-status.
  3. Gebruik niet meer dwang dan nodig. Vasthouden mag voor zover dat noodzakelijk is om de verdachte over te dragen; alles daarboven beoordeelt de rechter als geweld dat je moet kunnen verantwoorden. Boeien en fouilleren zijn geen burgerbevoegdheden.
  4. Bel 112 en draag over. Onverwijld, zegt de wet. Geef de politie alles wat je bij de verdachte hebt aangetroffen.
  5. Leg vast wat je zag. Tijd, plaats, wat je precies hebt waargenomen, wie er nog meer bij was. Hoe je dat opschrijft, staat in een rapportage schrijven als beveiliger; voor een getuigenverklaring werkt het hetzelfde.

Je vakkennis is in zo’n situatie je grootste voordeel. Je weet hoe je een signalement opneemt, hoe je een situatie leest en wanneer je afstand houdt. Dat maakt je een betere getuige dan de meeste omstanders, en daar is de politie het meest mee geholpen. Hoe je kijkt en vastlegt, staat in observeren als beveiliger.

En de beveiliger buiten werktijd?

Voor beveiligers is het antwoord korter, omdat een beveiliger ook in dienst geen opsporingsbevoegdheid heeft. Wat een beveiliger wel en niet mag, staat in wat mag een beveiliger. De Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr) bindt bovendien alles wat een beveiliger onderscheidt van een burger aan de uitvoering van het werk:

Onderdeel Wpbr Buiten werktijd
Uniform Art. 9 lid 1: de beveiligingsorganisatie zorgt dat beveiligers bij de uitvoering van hun werkzaamheden een goedgekeurd uniform dragen Het uniform hoort bij het werk. Buiten je dienst draag je het niet, en je gebruikt het zeker niet om gezag te suggereren.
Legitimatiebewijs (de grijze pas) Art. 9 lid 8: bij de uitvoering van de werkzaamheden draag je het legitimatiebewijs bij je en toon je het op verzoek Buiten je dienst geeft de pas je geen enkele bevoegdheid. Laat hem in je portemonnee.
Handboeien Art. 9 lid 3 en 4: alleen met toestemming van de minister, alleen bij de uitvoering van de werkzaamheden, en alleen bij een aanhouding op heterdaad in afwachting van de politie Niet dragen en niet gebruiken.
Toestemming korpschef Art. 7 lid 2, 4 en 5: je mag alleen werken met toestemming van de korpschef, die wordt onthouden (lid 4) of ingetrokken (lid 5) bij gebrek aan betrouwbaarheid Wat je in je vrije tijd doet, telt mee. Een strafbaar feit buiten werktijd kan je toestemming kosten; zie beveiliger worden met een strafblad.
Geheimhouding Art. 13: wat je bij je werk te weten komt, houd je geheim Die plicht stopt niet na je dienst; ook niet in een appgroep. Zie social media als beveiliger.

Buiten werktijd heeft een beveiliger dus precies dezelfde mogelijkheden als iedere burger: aanhouden op heterdaad volgens artikel 53 Sv, noodweer en 112 bellen. Wat wél doorloopt, is de verantwoordelijkheid voor je eigen gedrag. De cao Particuliere Beveiliging noemt in artikel 17 lid 2b diefstal, verduistering en andere strafbare feiten uitdrukkelijk als dringende reden voor ontslag op staande voet, omdat je werkgever daardoor het vertrouwen in je verliest. Dat artikel maakt geen onderscheid tussen in en buiten de dienst; verkeersovertredingen vallen er volgens de cao niet onder. Lees ook ontslag in de beveiliging.

Voor werkgevers: leg vast wat je van je mensen verwacht buiten dienst

Gemeenten, vervoerbedrijven en beveiligingsbedrijven die boa’s inzetten, doen er goed aan hierover een korte instructie op te nemen. De Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar leggen de verantwoordelijkheid voor het dagelijks functioneren van boa’s bij de werkgever en het toezicht op het gebruik van bevoegdheden bij de hoofdofficier van justitie en de korpschef. Een instructie buiten dienst voorkomt dat een goedbedoelde ingreep in de vrije tijd uitloopt op een klacht of een onderzoek naar de betrouwbaarheid.

  1. Schrijf op dat optreden buiten dienst niet de bedoeling is, behalve als burger bij heterdaad of direct gevaar, en dat melden de norm is.
  2. Regel de opslag van geweldsmiddelen en handboeien. Na de dienst op de aangewezen plek, nooit mee naar huis zonder uitdrukkelijke regeling.
  3. Regel het legitimatiebewijs. Spreek af of het na de dienst op de werkplek blijft of mee naar huis gaat, en dat het buiten dienst niet wordt getoond.
  4. Benoem de meldroute. Een boa die in zijn vrije tijd iets ziet, moet weten bij wie hij het kwijt kan, ook in het weekend.
  5. Neem het op in de instructie bij de beëdiging. Volgens artikel 20 lid 2 van het Besluit boa ontvangt de boa bij de beëdiging de akte van beëdiging, het legitimatiebewijs en de tekst van hoofdstuk 5 over zijn verplichtingen; dat is het moment om als werkgever ook de instructie buiten dienst mee te geven.

Zoek je boa’s, toezichthouders of beveiligers die weten waar hun bevoegdheid ophoudt? Op vacaturebeveiliging.nl zoeken zij gericht in hun eigen regio, bijvoorbeeld in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Eindhoven.

Wil je werken in toezicht of handhaving, of eerst ervaring opdoen in de beveiliging?

Bekijk de vacatures

Wat een boa verdient en hoe je er een wordt, staat in het boa-salaris in 2026. Werk je als toezichthouder zonder akte, lees dan toezichthouder worden. Wat je als beveiliger per schaal verdient, vind je bij het salaris van een beveiliger.

Nieuwe vacatures verschijnen dagelijks, ook bij gemeenten en bedrijven in de openbare ruimte.

Naar alle vacatures

Veelgestelde vragen over een boa buiten werktijd

Mag een boa buiten werktijd optreden?

De wet koppelt de bevoegdheid van een boa niet aan werktijd maar aan de feiten in zijn akte, het grondgebied in zijn akte van beëdiging en zijn functie (artikel 142 Wetboek van Strafvordering, artikel 2 en 19 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar). Buiten die grenzen is een boa een burger. Binnen die grenzen bestaat de bevoegdheid op papier ook in de vrije tijd, maar zonder legitimatiebewijs, insigne, geweldsmiddelen en instructie van de werkgever is zelfstandig optreden vrijwel nooit verstandig. Vastleggen wat je zag en het doorgeven aan je team of de politie is de standaardroute.

Mag een boa buiten dienst iemand aanhouden?

Ja, als burger. Artikel 53 lid 1 van het Wetboek van Strafvordering geeft iedereen de bevoegdheid om een verdachte aan te houden bij ontdekking op heterdaad. Die bevoegdheid heeft iedereen, met of zonder akte. Je levert de aangehoudene onverwijld over aan een opsporingsambtenaar en geeft aangetroffen voorwerpen af (lid 3). Politiebevoegdheden zoals fouilleren of boeien horen daar niet bij.

Mag een boa buiten werktijd zijn legitimatiebewijs laten zien?

Artikel 26 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar verbindt het dragen en tonen van het legitimatiebewijs aan het uitoefenen van de taak. Buiten dienst gebruik je het niet om een discussie te winnen of gezag af te dwingen. Wie het wel doet, gebruikt een dienstmiddel voor een privédoel en kan daarmee zijn betrouwbaarheid in twijfel brengen.

Mag een boa buiten dienst handboeien of pepperspray bij zich hebben?

Pepperspray en een wapenstok niet: dat zijn voor een burger verboden wapens en de uitzondering van artikel 3a lid 3 Wet wapens en munitie geldt alleen voor zover de minister dat voor boa’s bij regeling heeft bepaald, en hoort bij de toekenning op je akte. Voor handboeien bestaat geen wettelijk draagverbod, maar het Besluit boa koppelt het gebruik aan de toekenning op je akte en aan de aanwijzingen van de korpschef (artikel 19 lid 3 en 29), en de instructie van je werkgever bepaalt waar ze na de dienst blijven. Gebruiken mag alleen in de rechtmatige uitoefening van je bediening (artikel 7 Politiewet 2012).

Is een boa buiten werktijd bevoegd in een andere gemeente?

Alleen als het grondgebied op je akte van beëdiging die gemeente omvat. Artikel 2 en 19 lid 2 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar en artikel 146 van het Wetboek van Strafvordering beperken je bevoegdheid tot dat grondgebied; bij veel boa’s is dat grondgebied ruim, en de Beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar (paragraaf 4.2) noemen boa’s daarom landelijk opsporingsbevoegd. Diezelfde beleidsregels zeggen dat een boa zich, net als een politieambtenaar, in principe onthoudt van optreden buiten zijn gebied van aanstelling en daar alleen optreedt in overleg met het bevoegd gezag en op basis van een samenwerkingsovereenkomst. In een andere gemeente treed je dus niet als boa op, ook al staat je bevoegdheid formeel niet stil.

Mag een beveiliger buiten werktijd optreden?

Alleen als burger. Een beveiliger heeft ook in dienst geen opsporingsbevoegdheid. De Wpbr koppelt het uniform, het legitimatiebewijs en de eventuele handboeien uitdrukkelijk aan de uitvoering van de werkzaamheden (artikel 9). Buiten werktijd kan een beveiliger dus aanhouden op heterdaad volgens artikel 53 Sv, zichzelf of een ander verdedigen en 112 bellen, meer niet.

Ontvang vacatures direct in je mailbox

Wij helpen jou graag.
Vertrouwd door

Samenwerkingen

Beveiligingsbedrijven en opdrachtgevers waar onze beveiligers werken — van de Tweede Kamer tot topmusea.

Wil jij ook tussen deze namen staan?Plaats je vacature ›
Vacatures zoeken
+25 km

Blader per specialisatie, stad of provincie

Kies je richting en zie direct hoeveel vacatures er zijn.

Alle specialisaties →
Alle steden →
Alle provincies →